Preek van de week

Preek zondag 29 maart

Broeders en zusters in Christus:

Ik hoop dat u de zegen Urbi et Orbi, voor stad en wereld, vrijdag op de televisie gevolgd hebt. Het was heel mooi en indrukwekkend. De paus had een mooie homilie bij het evangelie over de storm op het meer. De paus zegende de stad Rome en de wereld met het Allerheiligste Sacrament. Want de hele wereld staat in brand. Het Coronavirus grijpt overal om zich heen. Het maakt mensen kapot, mensen sterven eraan. De hele wereld staat stil. Scholen zijn dicht. Ondernemingen hebben hun bedrijf moeten sluiten en hebben momenteel geen inkomsten, we denken aan de horeca, restaurants, hotels. Het pilsje dat vandaag niet gedronken wordt, wordt morgen niet ingehaald. Ook wij als pa-rochie ontvangen geen collectegelden meer terwijl de uitgaven onverminderd hoog blij-ven. De sint Jan in Oerle heeft enorme waterschade opgelopen door lekkage door lood-diefstal en is voorlopig niet te gebruiken. Dat kost duizenden euro’s.
Het hele sociale leven ligt stil en wij worden gedwongen thuis te zitten, en wij weten niet of de vijand aan onze deur voorbijgaat. Wij kijken angstig om ons heen en houden ang-stig afstand. Veel mensen en vooral ouderen voelen zich eenzaam en verlaten. En waar is God?

In het Evangelie krijgt Jezus het bericht dat Lazarus, die Hij liefheeft, ernstig ziek is. En wat doet Jezus: Hij draalt. Hij wacht twee dagen alvorens naar Bethanië te gaan. Dan zegt Jezus: “Onze vriend Lazarus is ingeslapen, maar Ik ga er heen om hem te wekken." Jezus bedoelt: Lazarus is overleden, Ik ga hem opwekken uit de dood. Maar de leer-lingen zitten op een ander denkspoor en zeggen: De joden wilden u onlangs nog steni-gen. En dan antwoordt Jezus: "Lazarus is gestorven, en omwille van u verheug ik Mij dat Ik er niet was, opdat gij moogt geloven." En wat moeten ze geloven? Dat Jezus de Mes-sias is, dat Hij de Heer Is, dat Hij het leven is en de verrijzenis en Hij Lazarus het elven terug zal geven. Thomas begrijpt het niet en gelooft het niet en zegt: "Laten ook wij gaan om met Hem te sterven." Dat getuigt dus niet van geloof. Alsof de dood het einde is en niet de verrijzenis.

Als Jezus in Bethanië aankomt, is Lazarus al vier dagen overleden. De beide zussen Mar-tha en Maria, zeggen na elkaar hetzelfde, zij zullen dat ook tegen elkaar gezegd hebben: “Als Gij hier waart geweest, zou mijn broer niet gestorven zijn”. Het klinkt als een ver-wijt. Jezus krijgt de schuld van de dood van Lazarus door zijn afwezigheid.
Hier klinkt ook de zonde van Adam door. Adam geeft God de schuld van zijn zonde: ‘De vrouw die Gij mij gegeven hebt, zij heeft mij verleid’.
Jezus wekt Lazarus op uit het graf. Daar laat Hij zijn goddelijke macht zien. God roept tot leven. Daar laat Jezus zijn goddelijk wezen ten diepste zien. God grijpt in als de mens uitgespeeld is. Zolang wij nog zelf kunnen en zelf doen, en denken het zelf te kunnen, houdt Hij zich bescheiden afzijdig.

En dan denk ik aan de ziekte die de wereld verlamd. Waar is God? Ik wil het echter om-keren. Wij hebben God toch de rug toegekeerd? Wij denken toch God niet nodig te hebben? Wij vinden het toch niet belangrijk om naar de kerk te gaan? Wij vinden toch niet nodig dat wij moeten bidden? Wij vinden het toch niet nodig om onze schuld te be-lijden? Wij doen toch niets verkeerds?.... Oh nee? Wij hebben de kerken op zondag toch gesloten? En de supermarkten op zondag toch geopend? Wij hebben ons toch helemaal naar de wereld toegekeerd? De wereld is toch helemaal van God los?

En dan ziet het kwaad zijn kans en grijpt het kwaad de macht. Heel de wereld houdt hij in zijn greep. Hij zaait angst en verderf. Maar tegen Christus kan hij niet op. Maar waar is Christus? Het lijkt wel of Hij slaapt achter in de boot bij het storm op het meer. Maar wij hebben Hem toch uit ons persoonlijk leven gebannen! En uit de samenleving! Wij schenken Hem toch geen geloof meer?

De strijd gaat niet zozeer tegen het Coronavirus, maar tegen de macht van het kwaad. Wij moeten nu ons massaal tot Christus bekeren en Zijn hulp inroepen dat Hij ons ver-lost uit de macht van het kwaad. Hem kunnen wij niets verwijten, wij kunnen alleen onszelf verwijten: “Wij hebben gezondigd door niet naar U te luisteren. Wij zijn geeste-lijk dood”. De dood grijpt nu om ons heen en niemand is zeker van zijn veiligheid. Hij grijpt goeden en kwaden, zonder aanzien des persoons. Het kwaad valt je aan in de rug, ongezien en onverwacht.

De Kerk is het instrument in de hand van Christus. Christus heeft niet voor niets de Kerk gesticht. Door de Kerk spreekt Christus tot ons. Door de Kerk komt Hij tot ons en voedt ons in de Eucharistie, om God met ons te zijn. Hij voedt ons met Zichzelf opdat wij van Hem zouden zijn, Zijn lichaam zouden worden, dat wij leven zouden hebben door Hem. Zonder Christus zijn wij levend dood. Door de Kerk vergeeft Hij ons onze schuld. Hij be-vrijdt ons van het kwaad. Daarom hebben wij de Kerk heel hard nodig. Zonder Kerk is er geen Christus, is er geen bevrijding en geen verlossing. De macht van het kwaad gaat nu zover dat zij het werk van de Kerk aan banden legt, dat de Kerk niet meer in staat is het Christusmysterie te vieren. De Kerk wordt n haar hart geraakt. 

Maar Christus is verrezen is, Hij overwint het kwaad. Hij, die het goddelijk leven is en de verrijzenis, roept Lazarus uit het graf. Het kwaad ontneemt ons het leven en legt ons in het graf, Christus, de Verrijzenis, roept tot leven wat dood en verloren was.
Bekeer u tot Hem. Dat is de oproep van vandaag. Bekeer u voordat het te laat is. Wees een Lazarus, wees een vriend van de Heer. "Ontwaak, slaper, zegt de apostel Paulus, sta op uit de dood, en Christus' licht zal over u stralen.'' Wij zijn geestelijk dood, maar als wij Hem aanroepen komen wij tot nieuw leven en Hij zal ons bevrijden uit de macht van het kwaad.

De paus zegende de stad en de wereld Urbs et orbs wereld met Christus in het Allerhei-ligste Sacrament. Zegen verdrijft de vloek. Moge Christus ons zegenen opdat de macht van het kwaad verdwijnt en wij in vrijheid kunnen leven. Amen.